Boegbeeld: Johan van der Laan

08 maart 2017

Tekst: Cees Visser

Hij staat sinds 2014 op de boeg van de Regionale Loodsencorporatie Amsterdam-IJmond. Toch blijft Johan van der Laan altijd natte voeten houden. “Toen voelde ik het: dit is wat ik wil.”

De titel van deze rubriek zal je aanspreken.
“Ik vertegenwoordig onze loodsengroep van ruim zestig man, binnen het landelijke loodswezen. Ook regionaal ben ik het boegbeeld, richting havenbedrijven en dienstverleners. Samen met mijn collega Rob Gerrits voer ik het kantoor van het loodswezen; hij de operationele taken, ik de taken op bestuurlijk niveau. Dat betekent dat ik veelal bezig ben met het voorbereiden van vergaderingen, die ik vervolgens ook voorzit. Binnen het landelijke loodswezen ben ik nog eens actief in verschillende organen, zoals de Bestuursraad, Stichting Opleiding en Deskundigheidsbevordering Registerloodsen (Stodel) en het Verantwoordingsorgaan van ons pensioenfonds. Veel overleggen en vergaderen, en niet altijd naast de deur.”

Hoe gaan die honderden vergaderingen je af?
“Geduldig zijn. Binnen de Regionale Loodsencorporatie zijn zestig meningen die ik allemaal serieus moet nemen, omdat we allemaal gelijk zijn. Ik moet de rust bewaren en dat uitstralen. En ik moet ervoor waken dat we niet te gretig veranderingen doorvoeren. Vaak is het beter iets eerst te laten bezinken, net zoals je nooit meteen op een mailtje moet reageren.”

Je bent een gekozen voorzitter, naar voren geschoven uit het midden van de loodsen van de corporatie. Wat zegt dat over jou?
“Dat ze vinden dat ik ze kan vertegenwoordigen? Een voorzitter moet begrijpen wat er in de groep leeft en zich ervan bewust zijn dat hij er bij de gratie van de groep zit. Overigens weet iedereen hier dat ik niet aan het pluche kleef. Als iemand het beter kan, ga je gang. Ik blijf het liefst ‘natte voeten’ houden. Het vak van loods blijft bovenaan staan, dat vind ik veel te leuk.”
Want je vaart nog?
“Om mijn bevoegdheid te behouden, maak ik per twee jaar zo’n zeventig loodsreizen.”

En daar hou je van?
“Aan boord van een schip laat ik alles los. Dan weet ik niet meer wat voor dag het is. Alleen de kapitein en zijn schip, en zorgdragen voor een veilige passage naar de ligplaats. Daarvan kan ik genieten als van een vakantie.”

Het leukste aspect van het voorzitterschap?
“Dat ik vanuit mijn functie het beroep van loods kan beschermen. Jaarlijks vinden er internationale congressen plaats, waaraan ik ook deelneem en waar het vaak gaat over de veiligheid van het beroep. Minder leuk? Je krijgt ook alle sores op je bord. Verdrietig nieuws, sterfgevallen en ziektes. Dat vreet soms aan me.”

Je bedoelt: als voorzitter moet je alles weten?
“Loods zijn is een veiligheidsberoep. Ik moet weten wat er in de hoofden van de loodsen rondgaat. De veiligheid van het schip en de bemanning, maar ook infrastuctuur en milieu staan daarbij op het spel. Een loods moet fit aan boord stappen.”

Welk cijfer (tussen de 1 en 10) komt overeen met de drukte van je baan?
“Dan zit ik op een 8. Ik ben altijd met het loodswezen bezig. Soms zit ik thuis en zie dat het buiten dichte mist is. Dan denk ik aan de collega’s die geconcentreerd naar hun radar staren.”

Zijn er andere activiteiten waarmee je je tijd vult?
“Zaalvoetbal op dinsdagmiddag. Met collega-loodsen. Ik noem het wel, maar kom er nauwelijks meer aan toe. Met dit team doen we ook mee aan de bedrijvencompetitie, die aan een thuiswedstrijd van Telstar voorafgaat. We hebben laatst gewonnen, voor ons best bijzonder tegen al dat jeugdige voetbalgeweld.”

Waar kom je tot rust?
“In onze caravan in Oostenrijk, waar ik regelmatig heenga met mijn gezin of vrienden. Skiën, wandelen, spelletjes. Verder vind ik golfen en zeilen leuk. Dat is met een boot van een ander. Je weet wat ze zeggen: koop een boot, werk je dood.”

Daar kom je aan toe?
“Daar maak ik ruimte voor. Als ik wil, kan ik 24/7 met mijn werk bezig zijn. Daarom ben ik selectief in uitnodigingen. Het was wel zoeken naar een balans daarin: wat is belangrijk? En als ik een keuze maak, is dat dan acceptabel voor mijn gezin, voor het loodswezen?”

Het loodswezen lijkt in je bloed te zitten.
“Toch stam ik niet uit een zeevarende familie. Mijn voorouders komen van een boerderij in Groningen. Daar groeide ik op. Wat me heeft getriggerd, is een reis met de ferry naar Noorwegen met mijn ouders. Ik was een jaar of tien. We belandden in een storm, noordwest negen, hoge golven. Toen voelde ik het: dit is wat ik wil. Die ferry kwam gewoon aan, maar wel alle passagiers ziek. Behalve een klein groepje, onder wie ik.”

Zit hier een positief iemand?
“Ik sta ontzettend positief in het leven. Tegenslag is prima, daar vinden we een oplossing voor. Daarbij helpt het dat ik inventief ben. Net als een loods. Die moet ook manoeuvreren en creatief zijn.” 

Boegbeeld is een rubriek in ons magazine Zeehavens Amsterdam. Het is een persoonlijke kennismaking met een bekend gezicht in de haven – met als centrale vraag: wie is de mens achter de functie? In deze aflevering Johan van der Laan, sinds maart 2014 voorzitter van de Regionale Loodsencorporatie Amsterdam-IJmond. Van der Laan (1965) is getrouwd met Mariëlle, heeft twee pleegkinderen (22 en 24; wonen niet meer thuis) en een zoon (13) en dochter (9). Het gezin woont in Castricum.