Operationeel manager met een gouden randje

10 november 2016

 

In de Amsterdamse havenregio werken ongeveer 59.000 mensen in uiteenlopende beroepen. In de serie ‘Havenberoepen’ is een van hen aan het woord. In deze aflevering operationeel manager Bertus Casteele, al vijftig jaar werkzaam bij Noord-Europees Wijnopslagbedrijf (NWB) een tankterminal, gespecialiseerd in de op- en overslag van ethanol & rum. 

Bijna tachtig jaar geleden werd ik geboren op Kattenburg, in de haven. Op mijn zestiende ging ik varen, maar na een jaar of tien besloot ik aan wal te gaan werken. In de vijftig jaar die ik nu voor NWB werk, heb ik verschillende eigenaren meegemaakt. Ik hoor bij het meubilair. Ze hebben vier bureaus, twee stoelen en Bertus, zeg ik wel eens voor de grap. 

Iedereen controleert iedereen
Havenberoep NWBAls operationeel manager ben ik verantwoordelijk voor alles wat er buiten gebeurt; het lossen, laden of opslaan van de zestig miljoen liter ethanol en rum die met schepen, treinen en wagens jaarlijks binnenkomt. We hebben 112 tanks waarin we verschillende producten voor verschillende klanten opslaan. Ik moet er onder andere voor zorgen dat de vracht gelost wordt en dat de juiste producten in de juiste tanks terecht komen. Omdat ethanol een zeer brandgevaarlijk product is, is het belangrijk dat er goede controle is. Als ik een leiding naar een tank overzet, dan wil ik dat iemand kijkt of ik dat goed gedaan heb. Het blijft tenslotte mensenwerk. Daarom controleert iedereen altijd iedereen. Het lijkt hier soms net de communistische partij. 

Hoi-cultuur
Veiligheid is een belangrijk onderwerp. Ik heb wel veertien verschillende cursussen gehad over hoe om te gaan met gevaarlijke stoffen of over bedrijfshulpverlening. En ik volg nog steeds nieuwe cursussen, bijvoorbeeld over Port Security. Op dat gebied is er wel een hoop veranderd. Vroeger was de hele haven open, iedereen liep gewoon bij elkaar naar binnen en iedereen kende elkaar. Nu heb je overal slagbomen en alles is afgesloten. Een voorbeeldje; bij de laatste Port Security-cursus ging het over het afleren van de ‘hoi’-cultuur. Als er iemand binnenkomt die je kent, zijn we gewend om ‘hoi’ of ‘dag’ te roepen, maar dat mag niet meer. Iedereen moet zich inschrijven, ook al kom je iedere dag. Gewoon doorlopen mag niet meer. De omgang met mensen is heel anders geworden, de amicaliteit is weg en dat gaat wel een beetje ten koste van de gezelligheid. Maar er is natuurlijk ook een hoop verbeterd. Vroeger moesten we heel veel sjouwen, nu gaat er bijna niets meer met de hand. 

Het mooiste aan mijn beroep vind ik dat ik alles zelf kan regelen. Het hele buitengebeuren valt onder mij, ook reparaties en onderhoud. Dat vind ik geweldig mooi, en daarom hou ik het al zolang vol. Als je geen leuk werk hebt, doe je dat niet tot je tachtigste. Ik ben de hele dag buiten en dat vind ik heerlijk. Van de kou heb ik nooit last, regen vind ik minder fijn, maar ook dat hoort erbij. Voorlopig denk ik nog niet aan stoppen.