Van haven naar woongebied?

02 november 2017

 

Na 2029 wil Amsterdam 45.000 woningen bouwen binnen de ring en 25.000 buiten de ring. Dit staat op gespannen voet met de belangen van de bedrijven in het gebied. ORAM en Havenbedrijf Amsterdam hebben zich duidelijk uitgesproken over deze transformatie. Een korte toelichting. 

Haven -Stad Positie Tov Amsterdam2Onder de naam Haven-Stad wil Amsterdam − in het havengebied, grotendeels binnen de ring A10 − een woonwijk bouwen ter grootte van de stad Maastricht. Het betreft het gebied in het westen van de stad, ten oosten van de Coentunnel en ringweg A10, langs de noordelijke en zuidelijke oevers van het Noordzeekanaal. De oostelijke begrenzing zijn de Houthavens en de Spaarndammerbuurt, de zuidelijke begrenzing is de Haarlemmerweg. Ook betreft het de gebieden Sloterdijk en de Noorder IJplas. Werd in 2013 nog gesproken over 9.000-20.000 woningen, momenteel gaat het om 40.000-70.000 woningen. Dat is meer dan een verdriedubbeling van het oorspronkelijk aantal woningen, een ambitieus plan.

Gevolgen gemengd gebied
Zoomen we in op de Coen- en Vlothaven, in het westelijk havengebied binnen de ring A10, daar moeten rond de 15.000 woningen komen in wat nu een haven- en industriegebied is. De transformatie naar ‘hoogstedelijk gemengd gebied’ heeft grote gevolgen voor de bedrijven die er nu zijn gevestigd, vaak al decennialang. Bedrijven als ICL Fertilizers, Cargill, Eggerding en Bunge zijn belangrijke internationale bedrijven in dat gebied voor de haveneconomie, de Amsterdamse economie, en die van de metropoolregio Amsterdam (MRA).  

ORAM en Havenbedrijf Amsterdam hebben zich duidelijk uitgesproken over de transformatie naar gemengd stedelijk gebied en hun kritiekpunten geuit. ORAM heeft in augustus met een ‘Advies Concept Ontwikkelstrategie Haven Stad’ aan de Burgemeester en Wethouders van Amsterdam en met een ‘Zienswijze MER Haven-Stad’ gericht aan de Gemeenteraad van Amsterdam, haar mening gegeven. Ook heeft zij op 20 september ingesproken in de Raadscommissie Ruimtelijke Ordening om dit nogmaals onder de aandacht te brengen.

Havenbedrijf Amsterdam plaatst eveneens vraagtekens of de gemeente een oplossing heeft voor het woningvraagstuk in de haven en op deze locatie. Zij heeft een zienswijze ingediend. “Woningbehoefte en financiële haalbaarheid moeten onomstotelijk vaststaan voordat er van verplaatsing van bedrijven sprake kan zijn”, aldus het havenbedrijf. “De betrokken bedrijven in het Coen- en Vlothavengebied hebben zekerheid en perspectief nodig voor hun bedrijfsvoering en ontwikkeling”, zeggen ORAM en het havenbedrijf.

Convenant en coalitieakkoord
Drie havenbedrijven uit de Coen- en Vlothaven, ICL Fertilizers, Cargill en Eggerding, hebben in 2009 met gemeente en provincie afgesproken dat er op zijn vroegst in 2029 wordt gestart met de bouw van woningen in het ‘pas op de plaats’-gebied. Deze afspraken zijn vastgelegd in een convenant. In de Houthaven en op de NDSM-werf mogen wel woningen gebouwd worden, maar voor andere gebieden rondom de Coen- en Vlothaven geldt een ‘pas op de plaats’ voor het toevoegen van woningbouw. Daarnaast heeft de coalitie in het huidige coalitieakkoord 2014-2018 toegezegd dat de nu zittende bedrijven in de Coen- en Vlothaven in ieder geval tot 2040 kunnen blijven.

In het convenant staat ook opgetekend dat tot 2024 geen plannen ter besluitvorming gebracht mogen worden. Het Concept Ontwikkelstrategie Haven-Stad, inclusief de bijlage milieueffectrapportage (MER), zet echter de zekerheid om te kunnen blijven ondernemen in de Coen- en Vlothaven onder druk. Het actuele plan verstoort de rust van de hier zittende bedrijven  doordat nu al gesproken wordt over het actief zoeken naar beperkende maatregelen voor de milieuruimte van deze bedrijven. Dit zal het ondernemersklimaat nadelig beïnvloeden, wat de verdiencapaciteit van de haven en de investeringsbereidheid van bedrijven in het gebied verslechtert. Voor ORAM en Havenbedrijf Amsterdam is dat onwenselijk. Jurriaan van den Eijkhof van ORAM: "De Ontwikkelstrategie zoekt de grenzen op van de afspraken in het convenant en het coalitieakkoord."

Visie op herhuisvesting
De beoogde transformatie betekent dat (industriële) bedrijven moeten verplaatsen. Van den Eijkhof voegt daaraan toe dat het van belang is dat bedrijvigheid in de MRA behouden blijft. “Het mag niet een te eenzijdig verhaal worden waarin alle bedrijvigheid verdwijnt ten koste van woningbouw. ORAM adviseert om tegelijk met de Ontwikkelstrategie een visie te ontwikkelen die de consequenties van de beoogde transformatie benoemt en oplossingen biedt voor herhuisvesting van uit te plaatsen bedrijvigheid.”

ORAM ontvangt ook graag antwoord van B&W op hun vraag welke effecten de beoogde ontwikkelingen van Haven-Stad hebben op de ontwikkelpotentie van andere grote gebiedsontwikkelingen in de MRA.